Wat heeft een goudstandaard te maken met een periode van maatschappelijke, economische en wetenschappelijke bloei? En waarom noem ik ook bitcoin in de titel? Om dat te begrijpen moeten we meer dan tweehonderd jaar terug in de tijd naar een periode in de 19e eeuw die de geschiedenisboeken is ingegaan als la belle époque, het mooie tijdperk. Het was een bloeiperiode in de Europese geschiedenis. La belle époque was als een zegereeks voor de kunsten, de wetenschap, de literatuur, de economie en de maatschappij in zijn algemeenheid. De serene rust die op het continent heerste in dit letterlijke én figuurlijke gouden tijdperk werd bruut verstoord met de start van de eerste wereldoorlog in 1914. Dit artikel wordt geen bloemlezing van la belle époque, maar een beschouwing van een ander fenomeen dat mogelijk een belangrijke rol speelde als katalysator van deze bloeiperiode. Tegelijkertijd met het beginnen van de eerste wereldoorlog in 1914 kwam er namelijk een einde aan een wereldwijde goudstandaard.

Maar wat is nu de relatie tussen een goudstandaard en deze bloeiperiode? Het antwoord op die vraag is tweeledig. Ten eerste maakt een wereldwijde goudstandaard het ontzettend eenvoudig om op internationaal handel te drijven. Je kunt tijdens een goudstandaard immers overal met goud betalen. Ieder land had wel een eigen munt, maar die munten verschilden enkel van elkaar in opdruk en gewicht. De Franse frank bestond bijvoorbeeld uit 0,29 gram en de Duitse mark uit 0,36 gram goud. De wisselkoers tussen de munten stond dus vast in deze verhouding (0,29/0,36~=0,80). Kostte een stokbrood bij de Franse bakker 1 frank, dan kon je daar ook met 80 cent aan Duitse marken voor betalen. Het was toch allemaal goud.

Het effect van een goudstandaard op het menselijke denken

Je kunt je vast voorstellen hoe betrouwbare wisselkoersen een positief effect op de internationale handel hebben. Maar het meest interessante aspect van een goudstandaard is in mijn ogen het effect daarvan op het menselijke denken. Op dit moment zijn wij als samenleving gewend aan een vorm van geld die onderhevig is aan inflatie. Ieder jaar gaat de koopkracht van de euro omlaag. Sinds het jaar 2000 is de koopkracht van de euro met 35% afgenomen, maar daar kijken we niet eens meer van op. Dit maakt het economisch rendabel om je euro’s zo snel mogelijk uit te geven. Sparen voor later en plannen maken voor de lange termijn is er eigenlijk niet bij. Dit zorgt voor een op de korte termijn gerichte samenleving en dat zie je overal terug. De hele economie is producten en diensten gaan produceren die gericht zijn op de bevrediging van onze korte termijn begeertes. Neem bijvoorbeeld alleen al je mobiele telefoon die één grote dopaminebom is. We hebben een economie geproduceerd die is gericht op constante groei. Constante groei is praktisch een voorwaarde geworden voor ons welzijn.

De Tsjechische econoom Tomas Sedlacek heeft hier een mooi beeldend voorbeeld bij bedacht: “Willen we liever een economie die vergelijkbaar is met iemand die zich te voet-, of eentje die zich per fiets voortbeweegt?” Een voetganger is stabiel. Hij kan ervoor kiezen om vooruit te gaan, maar hoeft dat niet te doen om overeind te blijven. Een fietser gaat een stuk sneller, maar moet vooruit blijven gaan om niet om te vallen. Maar het leven is geen spelletje, het leven is oneindig en oneindige vooruitgang is niet mogelijk. In het verleden was groei een mooie stap vooruit, maar nu zijn we er van afhankelijk om niet keihard onderuit te gaan. Sparen is niet rendabel, alles moet snel en alles moet nu.

Onder een goudstandaard is de druk om zoveel mogelijk en zo snel mogelijk te consumeren er niet. Goud heeft over duizenden jaren bewezen zijn koopkracht te behouden. Met dezelfde hoeveelheid goud die je in de middeleeuwen nodig had om een prachtig fluwelen kostuum te kopen, kun je tegenwoordig een maatpak laten maken. Goud is waardevast. Je geld is morgen net zoveel waard als vandaag. Het resultaat van een goudstandaard? Een meer op de lange termijn gerichte samenleving. Neem bijvoorbeeld de kunstenaars uit de Renaissance die jaren of in sommige gevallen zelfs tientallen jaren met één kunstwerk bezig konden zijn. Zij werden met goud gefinancierd door rijken die geen interesse hadden in het zoveelste simpele kunstwerk, zij hadden het geduld om te wachten op een waar meesterwerk. Vergelijk dat eens met de hedendaagse kunst, waar een op de muur geplakte banaan al het gros van de aandacht op een expositie kan opeisen. Hetzelfde geldt voor muziek. Waar Bach, Mozart en Beethoven lang nadachten over hun muzikale composities, worden de hitlijsten tegenwoordig gedomineerd door nummers die binnen enkele uren in elkaar geflanst zijn.

Natuurkundige Jonathan Huebner heeft zelfs onderzoek gedaan naar de door Bunch en Hellemans gepubliceerde lijst van de 8583 belangrijkste innovaties en ontdekkingen en kwam tot de conclusie dat het aantal innovaties per hoofd van de wereldbevolking het hoogste was in de 19e eeuw. Gedurende de goudstandaard, la belle époque. In de 20e eeuw werden de meeste van deze innovaties verder uitgewerkt en verbeterd, maar het is belangrijk om te noteren dat een groot deel zijn oorsprong vond in dit gouden tijdperk. Toeval of niet? De argumenten dat deze welvaart alles te maken heeft met een goudstandaard en dat we het effect van geld op de maatschappij onderschatten zijn in mijn ogen heel sterk.

Op naar een bitcoin-samenleving?

Nu wil ik niet overkomen als iemand die roept dat het vroeger allemaal beter was. Het punt is vooral dat een samenleving waarin een waardevast betaalmiddel de standaard is weleens een interessant alternatief kan zijn voor de gehaaste maatschappij van nu. We willen steeds meer, steeds beter en het liefst zo snel mogelijk. Terwijl de mooiste werken of de beste prestaties vaak het resultaat zijn van geduld en vakmanschap. Nu zal goud niet zo snel terugkeren om ons te redden van ons in koopkracht dalende geld, maar is de opkomst van bitcoin een interessante nieuwe speler op het toneel.

Het bijzondere aan bitcoin is dat we zeker weten dat er slechts 21 miljoen van zullen bestaan. In theorie zou dit betekenen dat een bitcoin altijd in waarde zal blijven toenemen. Hoe meer mensen bitcoin gaan gebruiken als middel om te sparen, hoe hoger de prijs. Het klinkt bijna te mooi om waar te zijn, maar je moet je realiseren dat we voor het eerst in de geschiedenis te maken hebben met een asset waarvan we zeker weten dat er een maximum is. Bitcoin is oneindig schaars en daarom het beste spaarmiddel dat we hebben. Het interessante hieraan is dat we in een bitcoin-samenleving een samenleving krijgen die gericht is op de lange termijn. Als jij weet dat jouw spaargeld over een jaar meer koopkracht heeft dan vandaag, dan ga je waarschijnlijk een stuk beter nadenken over je uitgaven. Heb ik dat koffietje van de Starbucks iedere dag wel echt nodig? Misschien kan je van dat koffietje over een paar jaar wel een prachtige wereldreis maken? Of dat bedrijf starten waar je altijd te weinig geld voor leek te hebben? Persoonlijk ben ik ervan overtuigd dat dit een veel mooiere en veel meer doordachte samenleving gaat opleveren dan de gehaaste samenleving waarin we nu leven. Niet dat we het nu niet goed voor elkaar hebben (in Nederland), maar het kan natuurlijk altijd beter.