In 2008 waren het de banken die too big to fail waren en moesten ze gered worden met belastinggeld. Nu is het weer raak en is ook een deel van het bedrijfsleven ineens too important to fail geworden. Om dat zielige groepje van rijke ondernemers te redden worden er wereldwijd biljoenen (1 biljoen = 1000 miljard) de economie ingepompt, want we willen natuurlijk niet dat onze geliefde luchtvaartmaatschappijen failliet gaan. Dat zou natuurlijk betekenen dat er nooit meer een vliegtuig zal opstijgen. Nog idioter dan die gedachte is het idee dat deze economische malaise de schuld is van het kapitalisme en de vrije markt.

Verliezen en failliet gaan is namelijk een essentieel onderdeel van een vrije markt, maar dat kan in ons systeem niet. In ons systeem verliest uiteindelijk alleen de belastingbetaler, het gewone volk.

Het probleem is juist dat we bedrijven die veel te grote risico’s hebben genomen constant de hand boven het hoofd houden. Er is helemaal geen sprake van een vrije markt als je weet dat de overheid je toch wel komt redden als het straks verkeerd gaat. In een wereld waarin je niet kunst sterven bestaat er geen risico. Maar als een wereld zonder risico niet bestaat, dan moet iemand dat risico toch dragen? Jazeker, dat doet de belastingbetaler dus. We leven in een wereld waarin een klein groepje mensen leeft als goden, parasiteert op de portemonnee van het volk. We leven in een voor de elite opgetuigd socialistisch paradijs.

Waarom we de vrije markt juist nodig hebben

We moeten afstappen van de idiote gedachte dat alle economische problemen de schuld zijn van het kapitalisme en de vrije markt. Juist omdat er in dit systeem geen sprake is van een vrije markt, zijn er bedrijven die het zich kunnen veroorloven om veel te grote risico’s te nemen. Ze weten immers dat ze toch wel gered gaan worden met ons belastinggeld als ze het verpesten. Hoe kun je dan nog spreken van een vrije markt?

Als er sprake zou zijn van een echt vrije markt, dan zou dat betekenen dat je zelf de lul bent als je risico neemt en het verkeerd uitpakt. En weet je wat het mooie daaraan is? Dat mensen heel goed nadenken voordat ze risico nemen, want verliezen is helemaal niet leuk.

Laat je vooral niet aanpraten dat de bedrijven die zogenaamd too big to fail zijn het resultaat zijn van de vrije markt. Want die vrije markt zou het nemen van dergelijke risico’s juist afstraffen en voor een groot deel zelfs voorkomen. Juist omdat we nu een systeem hebben waarin bedrijven niet meer failliet kunnen gaan omdat ze zogenaamd te belangrijk zijn, kunnen we niet meer zonder economische groei. Economische groei is heilig, omdat het kaartenhuis zonder die economische groei meteen in elkaar dondert.

De fietser en de wandelaar

Je kunt de huidige economie het beste vergelijken met een fietser die altijd in beweging moet blijven om niet te vallen. Als we geen snelheid houden en blijven groeien, dan vallen we om. Economische groei is heilig geworden omdat het noodzakelijk is om het systeem overeind te houden. Het resultaat van elitesocialisme. De rijken der aarde leven in een wereld waarin risico niet meer bestaat, in een wereld waarin het risico is afgewenteld op de belastingbetaler. Dat is het probleem.

Het is begrijpelijk dat de eindeloze focus op economische groei wordt aangewezen als de grote zondebok, maar het probleem is juist het onderliggende systeem wat niet zonder economische groei kan bestaan.

Ik ben van mening dat het tijd is om op de rem te trappen, onszelf van de fiets moeten laten vallen om daarna te voet onze weg te vervolgen. Het zal even pijn doen, maar we moeten naar een systeem waarin het niet erg is als we eventjes niet groeien. We moeten naar een systeem waarin stilstand niet gelijkstaat aan omvallen. Eeuwigdurende economische groei is een utopie, dus laten we vooral een systeem bouwen waarin we het ons kunnen permitteren om soms even stil te staan. Een dergelijk systeem hoeft niet te betekenen dat we nooit meer kunnen groeien, maar betekent groeien op een verantwoord tempo. Groeien als de marktomstandigheden dat toelaten en stilstaan als dat nodig is. In goede tijden zal de groei minder hard zijn dan in het huidige systeem, maar de pijn ook.

En als je dat vergelijkt met de huidige situatie is dat best een interessant alternatief. De economische groei komt nu namelijk vooral ten goede aan een kleine groep mensen, terwijl het hardwerkende volk de pijn moet dragen. Daarom pleit ik ervoor om bedrijven die zogenaamd too big to fail zijn te laten vallen. Natuurlijk zal het even pijn doen, maar daar komen we wel weer bovenop. Vooral als men weet dat er een prachtig nieuw systeem in het verschiet ligt.

De vrije markt is niet het probleem, de zogenaamde too big to fail-economie is het probleem.